Rikus Renting in gesprek met weekblad de Boerderij

4 november 2016
Rikus Renting in gesprek met weekblad de Boerderij

‘Ik ben niet verantwoordelijk voor fosfaatoverschot’

Veehouder Rikus Renting vaart zijn eigen koers en breidt uit in aantal koeien. Staatssecretaris Van Dam wil juist dat veehouders vanwege het fosfaatoverschot op de rem trappen.

Rikus Renting heeft een gemengd bedrijf in het Drentse Erm. De akkerbouwtak beslaat 45 hectare snijmais, zetmeelaardappelen en suikerbieten. De melkveetak bestaat uit 30 melkkoeien, 20 stuks jongvee en 15 hectare grasland. Een derde van zijn akkerbouwland en al zijn grasland benut Renting met mest van het eigen bedrijf. De mest voor de overige 30 hectare moet hij aanvoeren. Opvallend is dat Renting – tegen de wens van de staatssecretaris in – weigert om op zijn eigen bedrijf iets aan het fosfaatoverschot te doen. Sterker: hij breidt zijn veestapel juist uit.

Rikus Renting (47) heeft een gemengd bedrijf (akkerbouw en melkvee) in Erm (Dr.) met 60 hectare land.

Waarom breidt u juist wél uit?

“Omdat ik me niet aangesproken voel om iets aan het fosfaatoverschot te doen. Ik ben geen derogatieboer. Driekwart van mijn land is akkerbouwland waardoor ik niet onder de derogatie val. Ik vind het oneerlijk dat ik moet krimpen om derogatie te behouden, terwijl ik er niet eens onder val. Ik heb altijd maar 170 kilo stikstof uit dierlijke mest per hectare mogen gebruiken, terwijl anderen altijd 250 kilo mochten aanwenden. Maar ik moet evengoed inbinden. Dat is natuurlijk vreemd. Net alsof ik de boete voor te hard rijden voor mijn buurman moet betalen. Daarbij komt dat ik alle mest van de melkveetak op het eigen land kwijt kan. Met dit overheidsbeleid wordt mijn eigendom me als het ware ontnomen.”

‘Ik heb altijd maar 170 kilo stikstof uit dierlijke mest per hectare mogen gebruiken, anderen 250 kilo. Maar ik moet evengoed inbinden’

Wat is uw groeistrategie dan?

“Mijn stal heeft capaciteit voor 32 melkkoeien. En met de nodige aanpassingen kan ik er straks 40 boxen in kwijt. Het is de bedoeling dat ik die stal gewoon volzet. Daarvoor heb ik ook een Natuurbeschermingswetvergunning. Ik ben sinds het quotumeinde sowieso gegroeid. Zo had ik op de peildatum van 2 juli 2015 nog 23 melkkoeien.”

U moet straks dus misschien halveren?

“Ja, dat is een mogelijkheid. Maar wat is tegenwoordig zeker? Evengoed, nu de invoering van fosfaatrechten met een jaar is uitgesteld, ga ik daar niet op voorsorteren door te krimpen. Integendeel. Ik ben bereid om risico te nemen en zie wel waar het schip strandt. Ik koop ook nog koeien. Zo kan ik wat extra omzet draaien. En ik ben niet de enige veehouder hier die dit doet. In deze regio met veel gemengde bedrijven zitten veel boeren in hetzelfde schuitje. Ook zij investeren in hun veestapel.”

‘Nu de invoering van fosfaatrechten met een jaar is uitgesteld, ga ik daar niet op voorsorteren door te krimpen. Integendeel’

Wat verwacht u van de overheid?

“Ik wil dat de overheid gewoon veel meer naar grondgebondenheid gaat kijken. Het is zwak om nu van extensieve boeren te vragen om te remmen waardoor ook hun bedrijven op slot komen te staan. Nu word ik gedupeerd, terwijl ik me altijd netjes aan de mestregelgeving heb gehouden. Ik wil echt geen bedrijfsgroei om dwars te liggen of omdat ik de grenzen zo graag wil opzoeken. Ik wil gewoon een eerlijke benadering.”

Maar als dat voor iedereen geldt, gaat derogatie nooit lukken?

“Het wordt lastig, maar onmogelijk hoeft het niet te zijn. Volgens mij is het wel degelijk haalbaar om derogatie voor de sector te behouden én grondgebonden bedrijven – die alle mest op eigen land kwijt kunnen – volledig te compenseren. Die groep is minder groot dan iedereen denkt. Daarbij is er ook nog een deel van de mest die geëxporteerd wordt. Dat kan er dus nog vanaf.”

002_154_rb-image-2905552

Bron: Weekblad de Boerderij.

Copyright © 2014,  ERM.NU. Alle rechten voorbehouden.