Erm.nu
Geen evenementen gevonden!

Als zorg niet vanzelfsprekend is

15 oktober 2026

Een vrijwilligersreis naar Tanzania veranderde mijn kijk op zorg

Wat als je ernstig ziek bent, maar je eerst moet betalen voordat je geholpen kunt worden? Wat als de apparatuur die jouw leven kan redden er wel staat, maar niemand weet hoe die werkt? En wat als er niet genoeg middelen zijn om iedereen de zorg te geven die nodig is?

Voor ons in Nederland zijn veel van deze situaties moeilijk voor te stellen. We vertrouwen erop dat er hulp komt wanneer we die nodig hebben. Maar tijdens een vrijwilligersreis naar Tanzania ontdekte ik hoe anders de werkelijkheid kan zijn.

Wat begon als een reis om iets voor anderen te betekenen, werd een ervaring die mijn kijk op zorg, ongelijkheid en de waarde van een mensenleven voorgoed heeft veranderd.

Een andere werkelijkheid

Ik ben Rutger Moree en samen met drie vrienden vertrok ik vanuit Erm naar Tanzania waar we gingen helpen in een ziekenhuis. Als verpleegkundige op de Spoedeisende Hulp ben ik gewend aan hectiek, zieke patiënten en situaties waarin snel gehandeld moet worden. Toch kon ik me vooraf moeilijk voorstellen hoe groot de verschillen in de zorg zouden zijn.

Al op de eerste dag werden we geconfronteerd met situaties die moeilijk te bevatten waren. Kinderen met ernstige brandwonden, patiënten met grote en geïnfecteerde wonden en mensen die na een ongeluk zwaar hersenletsel hadden opgelopen.

De omstandigheden waren soms schrijnend. Meerdere patiënten lagen op één zaal, er waren weinig verpleegkundigen en medische materialen waren lang niet altijd beschikbaar. Waar ik in Nederland gewend ben dat bepaalde apparatuur en hulpmiddelen aanwezig zijn wanneer je ze nodig hebt, moest hier voortdurend worden gekeken naar wat er wél beschikbaar was.

Zo stond er bijvoorbeeld een beademingsmachine uit Nederland, maar waren er verpleegkundigen die niet wisten hoe ze ermee moesten werken. Het liet mij zien dat het niet voldoende is om apparatuur beschikbaar te stellen. Ook kennis, opleiding en onderhoud zijn onmisbaar om er daadwerkelijk iets aan te hebben.

Wanneer geld bepaalt of iemand geholpen wordt

Een situatie die veel indruk op mij heeft gemaakt, was die van een man die na een motorongeluk (Een veel voorkomende trauma doordat men zonder helm erg onvoorzichtig rond scheurt) een hersenbloeding had opgelopen. Hij was buiten bewustzijn en had snel hulp nodig. Een CT-scan werd besproken, maar uiteindelijk bleek dat er eerst betaald moest worden voordat het onderzoek en de verdere behandeling konden plaatsvinden. De man kon dat zelf niet betalen. Zijn familie moest het geld bij elkaar zien te krijgen. Uiteindelijk kwam er geld vanuit zijn werk, het leger, waardoor de zorg zou kunnen worden voortgezet.

Ik merkte dat dit mij behoorlijk raakte.

Zeker toen ik in de ochtend zag dat het geld ineens van het nachtkastje van de patiënt weg was, en niemand wist hoe of wat.. Hij was onder comateuze toestand bestolen.

Hier realiseerde ik me opnieuw hoe bijzonder het eigenlijk is dat wij in Nederland op zoveel zorg kunnen rekenen.

Is ieder mensenleven evenveel waard?

‘Wat is een mensenleven waard als de zorg die iemand nodig heeft niet betaald kan worden?’, een vraag die mij tijdens de reis bezighield.

Een mensenleven is voor mij niet meer of minder waard omdat iemand arm is, in een ander land geboren is of toevallig niet over de juiste middelen beschikt. Toch zag ik in Tanzania hoe financiële mogelijkheden soms wel degelijk bepalen welke zorg iemand kan krijgen en wanneer.

Tegelijkertijd wil ik daar absoluut geen oordeel over uitspreken. De artsen en verpleegkundigen die ik daar heb ontmoet, waren ontzettend betrokken bij hun patiënten. Ik zag liefde voor het vak en veel aandacht voor mensen. Er werd soms gedanst in de operatiekamer en bij het begin van een dienst werd er gebeden en gejubeld.

Het probleem was niet het gebrek aan betrokkenheid, maar het waren de omstandigheden. Er zijn simpelweg niet altijd genoeg verpleegkundigen, medicijnen, apparatuur of andere materialen. Een patiënt kan uren gelopen hebben naar het ziekenhuis, om vervolgens meerdere dag/nachtdelen te wachten op zorg. De verpleegkundige kan meer dan tientallen patiënten onder haar hoede hebben en een arts kan op een dag verantwoordelijk zijn voor 100 patiënten. Familieleden spelen daarom een belangrijke rol in de dagelijkse verzorging, zij helpen bijvoorbeeld met eten en wassen. Dit zette mij ook aan het denken over Nederland; misschien mogen wij soms best wat meer van familie verwachten en hen meer betrekken bij de zorg.

Zorg met wat er wél is

De reis was gelukkig niet alleen confronterend, we konden ook daadwerkelijk helpen. Zo wasten we op de afdeling patiënten, verschoonden bedden en verzorgden wonden. Soms waren er simpelweg niet genoeg schone lakens om iedereen te verschonen. Op zo’n moment werd er gekeken wie de zorg op dat moment het hardst nodig had.

Ook op de spoedeisende hulp maakten we heftige situaties mee. Reanimaties, ernstige ongelukken, zieke kinderen en patiënten die in zeer slechte toestand binnenkwamen. Een situatie die me is bijgebleven, was een patiënt die lange tijd handmatig beademd moest worden omdat de apparatuur niet meer werkte. Terwijl iemand letterlijk voor zijn leven vocht, werd door ons aan de apparatuur geknutseld om deze weer aan de praat te krijgen, momenten die je niet zomaar vergeet.

Ten slotte zit achter iedere medische casus een mens, een moeder, vader, kind, broer of zus. Iemand die familie heeft die thuis wacht.

Kinderen die overlijden

We hebben verschillende kinderen gereanimeerd, iets wat ik heb ervaren als meest schrijnende en moeilijke situaties. Wanneer een reanimatie niet slaagde, zag ik soms dat ouders zich na de slechte afloop vrijwel direct omdraaiden en het ziekenhuis verlieten, dit was voor mij moeilijk te begrijpen. Zo lopen moeders het ziekenhuis uit gelijk na hun bevalling (waar ze een hand op hun mond gedrukt kregen als er geschreeuw werd) als ze een gezond kind kregen of een stilgeboorte was, het leek wel fabriekswerk.

Ook werd verteld dat kinderen soms pas op latere leeftijd een naam krijgen, omdat de kans dat een kind de eerste jaren overleeft niet vanzelfsprekend is. Een moeder krijgt gemiddeld meerdere kinderen, waarbij een deel daarvan overlijdt, onwerkelijk.

In Nederland kennen we woorden als weduwe en wees, maar als een ouder een kind verliest, is daar niet eens een specifiek woord voor. Dit zegt misschien genoeg over hoe moeilijk het is om zo’n verlies onder woorden te brengen.

Onze zorgharten doen pijn

We waren ons er vooraf van bewust dat we niet als vier bijdehante westerlingen naar Tanzania wilden gaan, om daar wel even te vertellen hoe het moest. Dit was ook helemaal niet nodig.. Wat we zagen, sprak voor zichzelf.

Onze reactie was geen oordeel over de mensen die daar werken, juist niet. Ik had veel respect voor de verpleegkundigen en artsen die onder deze omstandigheden iedere dag opnieuw hun werk doen. Het was vooral verdriet. Verwondering. En soms machteloosheid.

Tijdens de reis schreven we op onze Polarsteps, waar het thuisfront ons kon volgen: “Onze zorgharten doen pijn.” 

Deze zin vat voor mij eigenlijk heel goed samen wat deze reis met mij heeft gedaan.

Opnieuw kijken naar Nederland

Je gaat duizenden kilometers van huis om iets van een andere wereld te zien, maar uiteindelijk kijk je ook opnieuw naar je eigen wereld. Sinds ik terug ben, denk ik vaker na over dingen die ik in Nederland heel vanzelfsprekend vind.

Dat er een ambulance komt wanneer je 112 belt.

Dat een patiënt wordt opgenomen zonder eerst contant geld te moeten laten zien.

Dat er een CT-scan beschikbaar is wanneer die nodig is.

Dat er zuurstof is.

Dat er medicijnen zijn.

Dat er schone lakens zijn.

Dat er verpleegkundigen en artsen zijn die zich, ondanks alle personeelstekorten en werkdruk, iedere dag inzetten voor hun patiënten.

We realiseren ons vaak pas hoe bijzonder iets is wanneer het er niet is.

Wat ik meeneem uit Tanzania

De reis heeft mijn kijk op zorg zeker veranderd, niet omdat ik nu denk dat de Nederlandse zorg perfect is. Dat is het absoluut niet, maar ik kijk anders naar wat we hier wél hebben.

Tegelijkertijd heb ik in Tanzania gezien dat goede zorg niet alleen draait om apparatuur, geld en materialen. De betrokkenheid van de mensen daar heeft me ook geraakt. Met beperkte middelen proberen zij iedere dag met veel vreugde, passie en liefde het beste te doen voor hun patiënten. De omstandigheden verschillen enorm. De menselijke waarde niet.

Een mensenleven heeft geen prijskaartje

Een mensenleven zou nooit minder waard mogen zijn omdat iemand minder geld heeft, op de verkeerde plek is geboren of niet beschikt over de zorg die wij hier als vanzelfsprekend beschouwen. We kunnen de zorg in Tanzania niet veranderen. Wij vieren konden dat natuurlijk ook niet, maar we konden wel iets betekenen.

Met geld dat tijdens de reis werd ingezameld, konden medische hulpmiddelen worden aangeschaft voor het ziekenhuis. Bloeddrukmeters, saturatiemeters, glucosemeters, een laryngoscoop, anti-decubitusmateriaal, infuuspleisters en andere hulpmiddelen gingen naar het ziekenhuis. De verpleegkundigen reageerden daar zichtbaar enthousiast en dankbaar op.

Ook werd gekeken naar oplossingen voor de langere termijn, bijvoorbeeld naar oplaadbare batterijen en het structureel opnemen van infuuspleisters in de voorraad. Het overige geld ging naar het weeshuis naast het ziekenhuis, waar wij de kinderen blij maakte met een kleurplaat en kleding. Ons hart werd gevuld met liefde.

Ieder mens doet ertoe

Toen ik vanuit Erm naar Tanzania vertrok, dacht ik dat ik vooral iets zou gaan brengen. Nu ik terug ben, heb ik het gevoel dat ik minstens zoveel heb meegenomen: een andere kijk op zorg en meer waardering voor wat we hier vaak vanzelfsprekend vinden.

Misschien mogen we ons daar ook in ons eigen dorp, Erm, wat vaker bewust van zijn. Kijk eens extra naar elkaar om of maak een praatje met je buurman. Want hoewel we niet alles kunnen veranderen, kunnen kleine gebaren voor een ander veel betekenen. Misschien gaat het bij mensenrechten uiteindelijk om iets heel eenvoudigs: beseffen dat ieder mens, waar ook ter wereld, evenveel waard is.

Ieder mens doet ertoe.

Uitgelicht

Zomer
Zomer

Zomer

Inmiddels is de zomer bijna voorbij. Het is mijn favoriete seizoen. Heeft u er ook zo van...