Erm.nu
Geen evenementen gevonden!

Samenvatting van de zienswijze van Dorpsbelangen Erm en Achterste Erm, de Wijkvereniging Delftlanden en Dorpsbelangen Sleen/Diphoorn

17 september 2015

 

De indieners zijn van mening dat de structuurvisie om een aantal redenen ten onrechte uitkomt op een keuze voor de locatie N34

1. Maximale opstelling en inventarisatiekaart

Indieners zij van mening dat, uitgaande van de onderlinge afstand van 400 meter voor 3 MW-turbines en 560 meter voor 5 MW turbines, plaatsing van 7 resp. 5 windturbines niet mogelijk is, zelfs niet bij toepassing van de inventarisatiekaart zoals die in de gemeentelijke ontwerpstructuurvisie wordt gebruikt en die volgens de indieners van deze zienswijze ook nog eens onjuist is.

Volgens de indieners is de inventarisatiekaart onjuist, omdat er bij de vaststelling van de contouren geen rekening is gehouden met het feit dat er

a) een veiligheidsmarge in acht moet worden genomen in verband met overdraai rotorbladen;

b) twee benzinestations langs de N34 zijn gevestigd;

c) achter de bosrand langs de Heirweg/Blikveldweg een gasleiding loopt;

d) over de autoweg N34 overdraai kan plaatsvinden.

2. Sleener stroomdal

Niet alleen vanwege verschillende veiligheidsaspecten (laagvliegroute defensie, gasleidingen, hoogspanningsleidingen, autoweg, kwetsbare gebouwen) is plaatsing van windturbines in het beekdal van de Sleenerstroom volgens indieners volstrekt ongewenst, maar ook o.a. om de volgende redenen:

a) op grond van de Provinciale Omgevingsvisie Drenthe mogen er in principe in beekdalen geen kapitaalintensieve activiteiten worden ontplooid of bouwwerken worden geplaatst;

b) Waterschap Vechtstromen lost de wateropgave deels op met waterbergingsgebieden en deels met winterbedden langs beken, zoals de Sleenerstroom;

c) op bestuurlijk niveau wordt inmiddels gesproken over mogelijke verbreding van de N34;

d) in de planMER is aangegeven dat er sprake is van een landschappelijk waardevol beekdal en dat de locatie N34 zich ten opzichte (de) andere locaties negatief onderscheidt op het vlak van externe veiligheid, archeologie, historische geografie en bouw;

e) op het vlak van toerisme draagt de omgeving van de locatie N34 veel bij voor de gemeenten Emmen en Coevorden. De nieuwe Emmer dierentuin met haar recreatieve aantrekkingskracht ligt bij voorbeeld op 2500 meter afstand. Horizon dominerende windturbines zouden de toeristische waarde negatief beïnvloeden;

f) de structuurvisie 2020 van de gemeente Emmen en de uitwerking hiervan, de Ruimtelijke Waardenkaart Emmen, zetten in op herstel c.q. versterking van het beekdal van de Sleenerstroom; dit staat haaks op de plaatsing van windturbines in het beekdal.

3 en 4. Locaties en scenario’s

Om verschillende in de zienswijze zelf meer gedetailleerd uiteengezette redenen zijn de indieners van mening dat het om de overlast zoveel mogelijk te beperken (zowel qua aantal woningen met overlast als qua aantal gebieden met overlast) het verreweg de voorkeur verdient de windturbines zoveel mogelijk op de locaties Pottendijk en Zwartenbergerweg te concentreren of zelfs helemaal op de locatie Pottendijk.

Bovendien zijn indieners van mening dat, ervan uitgaande dat de plaatsing van 7 windturbines op de locatie N34 niet mogelijk is, de desbetreffende scenario’s niet meer kloppen en dat de gegevens daarvan derhalve in die zin moeten worden aangepast dat de keuze van de locaties ook op grond daarvan verschuift naar de locaties Pottendijk en Zwartenbergerweg.

5. Veiligheid algemeen

Afgezien van de hiervoor reeds genoemde veiligheidsrisico’s zijn indieners van mening dat er ook geen rekening is gehouden met andere, belangrijke veiligheidsaspecten.

a) in de omgevingsvisie van de provincie Drenthe was naast de laagvliegroute van in totaal 3.704 meter sprake van zogenaamde hinderstroken aan weerszijden van de laagvliegroute van elk ongeveer 1000 meter. Deze zijn volgens indieners ten onrechte niet ingetekend op de inventarisatiekaart;

b) dit sluit ook naadloos aan bij de Wettelijke Regeling kabelvliegers en kleine ballonnnen, die ervoor dient om de vliegveiligheid in het gebied naast de laagvliegroute in geval van storingen aan vliegtuigen/mogelijke uitwijkmanoeuvres etc. te vergroten. Deze regeling houdt derhalve in dat binnen een afstand van 5 km van militaire laagvliegroutes geen kabelvliegers of kabelballonnen hoger dan 100 meter mogen worden gebruikt.

6. Verdeling veengronden/zandgronden

Mocht er sprake van zijn dat de gemeente mede voor de locatie N34 zou willen kiezen op grond van het feit dat het daarbij gaat om een op zandgrond gelegen locatie, met als doel de pijn van de keuzes te verdelen over zandlocaties en veenlocaties, zijn indieners van mening dat dergelijke argumenten geen enkele rol mogen spelen en dat de door het college zelf in zijn ontwerpstructuurvisie benoemde “belangrijkste uitgangspunten en overwegingen” uiteindelijk leidend moeten zijn.

Uitgelicht

Kiezen
Kiezen

Kiezen

Het is best een dingetje : kiezen. Gedurende je leven zijn er veel keuzes te maken. Voor welke...